Emancipatie in beweging: Rotterdamse vrouwen knokken voor hun plek in de sportwereld

Op 9 oktober 2025 vond alweer de elfde meet-up in het kader van het Rotterdamse Jaar van de Vrouw plaats. Deze keer waren we te gast bij Nautilus aan de Maas. De organisatie van het Rotterdamse Jaar van de Vrouw schreef een column over vrouwen in de sportwereld.

Rotterdamse vrouwen in de sportgeschiedenis
De zoektocht naar bekende Rotterdamse vrouwen in de topsport levert een indrukwekkend lijstje op. Ik heb geen diepgravend onderzoek gedaan, maar noem een paar namen:

Zwemster Rie Mastenbroek, op Jesse Owens na de meest succesvolle sporter op de Olympische Spelen van 1936.

Atlete Fanny Blankers-Koen, in 1948 succesvol op de Spelen en een van de weinige vrouwen die een eigen standbeeld heeft in deze stad.

Sprintster Nelli Cooman, tweemaal wereldkampioene, liep in 1986 de 60 meter in 7,00 seconden — nog steeds een Nederlands record.

Wielrenster Leontien van Moorsel werd zes keer Sportvrouw van het Jaar.

Hockeyster Fatima Moreira de Melo, met het Nederlands team Olympisch kampioen in 2008.

Roeister Marieke Keijser nam in 2020 deel aan de Olympische Zomerspelen in Tokio en behaalde daar brons.

En tenslotte Amira Tahri, die al voor haar vijftiende negen wereldtitels kickboksen won. Ze is nu zestien en hoopt als bokser in 2028 mee te doen aan de Olympische Spelen in Los Angeles.

Het zijn inspirerende voorbeelden van vrouwen die in beweging zijn en daarmee iets in beweging zetten in de maatschappij.

Dat vrouwen sporten is niet altijd vanzelfsprekend geweest. Dat ze deelnemen aan het maatschappelijk leven evenmin. En er lijkt een verband te zijn, wat ook wel te verklaren is, want de deelname van vrouwen aan sportactiviteiten zegt iets over de plaats die zij innemen in de samenleving. Dat Feyenoord, Sparta en Excelsior sinds enkele jaren — overigens minder dan tien jaar — vrouwenvoetbalteams hebben, is hoopgevend.

Kiesrecht voor vrouwen
Voor deze gelegenheid beperk ik me tot de roeisport. In 1917 stelde roeivereniging Nautilus het lidmaatschap open voor vrouwen. Elisabeth Cohen, toen 35 jaar, werd als eerste lid. Haar man Aron Brandel was al lid. In 1936 schonk zij samen met haar man een boot met de naam ABC (Aron Brandel en Cohen). De boot ligt nog steeds beneden in de loods van het gebouw aan de Oude Plantage. In 1917 werd er ook bij wet geregeld dat vrouwen passief kiesrecht kregen: voortaan mochten ze gekozen worden. Pas twee jaar later, in 1919, werd het algemeen kiesrecht ingevoerd.

Daar was nogal wat aan voorafgegaan. Tot 1917 waren vrouwen uitgesloten van verkiezingen. Om die reden werd in de zomer van 1894 een afdeling van de Vereniging voor Vrouwenkiesrecht opgericht door het Rotterdamse schoolhoofd Maria Rutgers-Hoitsema. Zij organiseerde een reeks lezingen over vrouwenrechten, waarvoor helaas maar weinig belangstelling was. Ze gaf niet op en meende dat er eerst gewerkt moest worden aan de verbetering en bewustwording van de maatschappelijke positie van vrouwen. Voor dat doel zette zij een tweede organisatie op: de Vereniging ter Behartiging van de Belangen der Vrouw. Deze twee verenigingen vormden ruim vijfentwintig jaar lang het gezicht van het feminisme in Rotterdam.

Historicus Anne Jongstra zette voor een lezing van Neelie Kroes in 2019 – honderd jaar na de invoering van het kiesrecht voor vrouwen – de ontwikkeling van de Rotterdamse kiesrechtbeweging op een rij. Wat opvalt, is het pragmatisme en de effectiviteit van de diverse organisaties die in deze stad actief waren. Er was een grote bereidheid om ideologische verschillen even opzij te zetten als het gemeenschappelijke doel daarom vroeg. Daarin herkennen we de houding van veel organisaties anno nu, in dit Rotterdamse Jaar van de Vrouw.

Vrouwenstrijd in Rotterdam
Het kiesrecht voor vrouwen kwam er niet zomaar. Als aan het begin van de twintigste eeuw grote groepen vrouwen niet de straat op waren gegaan, was er waarschijnlijk nooit iets veranderd.

Relatief veel Rotterdamse delegaties namen deel aan landelijke demonstraties. En ook in Rotterdam zelf organiseerden vrouwen grote demonstraties, bijvoorbeeld in Crooswijk, rondom het Oostplein en in het Oude Noorden. Het rode deel van de stad, zou je kunnen zeggen. Dat was niet vanzelfsprekend, want de socialistische arbeiderspartij SDAP (voorloper van de PvdA) had zich rond de eeuwwisseling niet bepaald een voorstander van vrouwenkiesrecht getoond.

De onderwijzeres Suze Groeneweg had daarom in 1911 de Sociaaldemocratische Vrouwenclub Rotterdam opgericht, en zij kwam in 1917, gekozen door mannen, als eerste vrouw in de Tweede Kamer. Pas bij de parlementsverkiezingen van 1922 mochten vrouwen voor het eerst stemmen. Op dit moment telt de Tweede Kamer 58 vrouwen, nog steeds minder dan de helft.

Suze Groeneweg, als kind een enthousiaste sporter, moet overigens tamelijk onvermoeibaar zijn geweest: ze zat ook in de Rotterdamse gemeenteraad en in de Staten van Zuid-Holland.

Vrouwen handelingsbekwaam
Een ander voorbeeld. Ongeveer drie decennia later, in 1954, werd er een EK roeien georganiseerd door Nederland, op de Bosbaan in Amsterdam. Voor het eerst mochten er vrouwen deelnemen. Een van de vrouwen die daar uitzonderlijk presteerde was Nautiliaan Agnes Reuter, die in de skiff zilver won. In datzelfde decennium trad de Wet tot opheffing van de handelingsonbekwaamheid van de gehuwde vrouw in werking. Vanaf dat moment mochten gehuwde vrouwen zelfstandig financiële beslissingen nemen en contracten afsluiten. Dat was een immens belangrijke stap voor de rechten van vrouwen in Nederland. Tot 1957 waren vrouwen namelijk afhankelijk van hun man als zij over geld wilden beschikken en hadden ze toestemming nodig voor het doen van aankopen.

In dit jaar, 2025, vieren we dat vijftig jaar geleden het eerste Internationale Jaar van de Vrouw werd uitgeroepen. Volgend jaar kunnen we vieren dat er bij de Olympische Spelen van 1976 voor het eerst vrouwen meededen aan de roeiwedstrijden. Vandaag de dag is meer dan vijftig procent van de leden van Nautilus vrouw. En de roeisport vernieuwt zich, onder andere door de opkomst van het coastal roeien, dat in 2028 onderdeel zal zijn van de Olympische Spelen. Bij wedstrijden valt op dat er veel vrouwen deelnemen. Voor veel vrouwen geldt dat ze een leven lang zijn blijven roeien. En zo komt het dat er in 2026 een team Grannies on Waves de oceaan zal oversteken. Hopelijk inspireren deze voorbeelden Rotterdamse vrouwen om in beweging te komen, op wat voor manier dan ook.