Expositie Woningen Vinden toont nieuwe oplossingen voor Rotterdamse woningnood: ‘Het moet anders’

In tentoonstellingsruimte OMI is het makelaarskantoor nét even anders. Geen koopwoningen en geen “grote zak geld” nodig, maar een zoektocht naar betaalbaar wonen. Met de expositie Woningen Vinden laat Platform Woonopgave zien hoe het Rotterdamse woonprobleem anders kan worden aangepakt: samen met bewoners.

“In de regio Rotterdam zijn er honderdduizend woningzoekenden,” zegt architect en onderzoeker Sanne van Manen. “En als we kijken naar hoeveel er gebouwd wordt, dan is dat zo’n 4000 woningen per jaar. Oftewel, het lukt gewoon niet door alleen maar op nieuwbouw te richten. We moeten het anders doen als we die woningzoekende ook echt een dak willen kunnen bieden.”

Minder bouwen, meer benutten
De oplossingen richten zich vooral op de bestaande stad: optoppen, inbreien en slimmer gebruik maken van bestaande panden. “Stel dat vijf procent van alle bewoners zou zeggen: ik woon eigenlijk te groot en ik wil wel mijn woning opdelen, dan hebben we het acute woningtekort opgelost,” aldus Van Manen.

Volgens het onderzoek kunnen er op die manier in Rotterdam zo’n honderdduizend woningen bijkomen en vrijkomen. Tegelijkertijd wordt er in het onderzoek gekeken naar CO₂-besparing vergeleken met de huidige overheidsplannen en wat het de buurt oplevert, bijvoorbeeld woningen met een lift voor ouderen of ruimte voor collectieve voorzieningen.

Lessen uit de stadsvernieuwing
Het onderzoek speelde zich grotendeels af in het Oude Westen. Bewoner Joke van der Zwaard woont al bijna vijftig jaar in de wijk en zag de veranderingen van dichtbij, waaronder de stadsvernieuwing vanaf de jaren 70: “Het mooie was dat toen bewoners samen met de gemeente gewoon plannen maakten voor de hele wijk,” vertelt ze over de stadsvernieuwing. “Alles wat als stadsvernieuwing hier in de buurt is gebeurd, is zo besproken.”

Later veranderde de koers. “In de jaren nul begon natuurlijk de verkoop van woningen en de sloop van woningen voor dure woningen. Mensen die al dertig jaar, veertig jaar ergens woonden, die moesten weg.”

Nu is het volgens haar tijd voor een nieuwe stap. “We moeten het gewoon zelf weer oppakken. Dat we zelf weer gaan nadenken over wat voor wijk we in de toekomst willen hebben.”