Winston Bergwijn, beter bekend als rapper Winne, bracht dit jaar een album uit ter nagedachtenis aan rapper Feis. Voor zijn verbindende boodschap krijgt hij donderdagavond 30 oktober de Laurenspenning uitgereikt.
Het album ‘Mssyeh’ gaat over de periode van rouw die Winne doormaakte na het verlies van Feis, zijn beste vriend en mede muzikant. Het maken van dit album heeft een therapeutische werking gehad voor Winne. “Als het lukt om van je pijn kunst te maken, heel je jezelf in het proces. Wanneer het dan af is, ben je niet meer hetzelfde als toen je begon”, vertelde hij in maart aan OPEN Rotterdam. In een interview met onze mediapartner Rijnmond vertelt hij openhartig zijn verhaal.
Wat vind je ervan dat je de Laurenspenning krijgt?
Mooi, ik ben er heel dankbaar voor. Ik denk dat we ergens allemaal wel een keer gezien willen worden. Toen ik muziek ging maken had ik niet gedacht dat dit ooit in het verschiet lag. Ik heb altijd met een bepaalde intentie muziek gemaakt: mijn doel is verbinden en positiviteit verspreiden. Het is mooi dat dat gezien wordt en dat je daar erkenning voor krijgt.
Je hebt veel meegemaakt in het leven, waaronder het verlies van je beste vriend Feis. Heb je wel eens aan God getwijfeld?
Je beweegt door het leven en er komen dingen op je pad die niet te verklaren zijn en gewoon geen sense lijken te maken. Dan is het lastig om standvastig in je geloof te blijven. Dus ja, mijn geloof is beproefd. Ik ben geen heilige, ik heb zat fouten gemaakt, maar ik heb ook altijd bij God weer vergiffenis kunnen vinden. Alle keren dat het echt heet onder mijn voeten werd, was God de plek waar ik de rust kon vinden.
Je album Mssyeh luistert als een intiem verslag van jouw rouwproces na de dood van Feis. Waarom wilde je dit met de wereld delen?
Omdat ik dat podium al had. De grote groep mensen die mij al jaren volgde, wist van mijn dierbare relatie met Feis. Dat was publiek. Om dat recht te doen moet je denk ik ook met het verwerkingsproces van zijn dood op een publieke manier omgaan. Het maken van deze plaat was ook een stukje therapie.
Ik hoop dat mensen sommige van de nummers of het hele album als houvast kunnen gebruiken. Ik wil aan mensen laten zien dat als ze ooit met de dood of iets anders zwaars te maken krijgen, er licht aan het einde van de tunnel is.
Ben je bang voor de dood?
Nee, nee. Nee, helemaal niet. Ik weet niet hoe het hiernamaals eruitziet, maar ik denk niet dat het bewustzijn ineens stopt. Ik denk niet dat we een lichaam zijn met een ziel, maar dat we een ziel zijn met een lichaam. Als het lichaam er niet meer is, blijft de ziel over. Ik denk niet dat het einde oefening is als het lichaam ermee stopt.
In het nummer Waar heb je het over rap je ‘Afgelopen jaren waren als de herfst, leven in het seizoen waar alles sterft’. In welk seizoen leef je nu?
Dat is een goeie vraag. Ik heb van het leven geleerd dat alles cyclisch beweegt. Toen ik dit schreef was het herfst, het finalizen van het album en alles erbij voelde als de winter. Ik denk dat ik nu weer in de lente beland ben. Nu is er licht en zonneschijn op komst. Er is weer ruimte voor plezier.
Waaraan merk je dat?
Aan de energie waarmee ik wakker word. Ik voel creatieve energie om dingen te maken. Daar ben ik heel dankbaar voor, want als het heel donker is, lijkt het of de zon nooit meer gaat schijnen. Als je het gevoel hebt dat je in de hoek staat waar de klappen vallen, dan kan dat somber stemmen. Maar ik ben gelukkig geen opgever. Ik heb altijd wel de modus kunnen vinden om iets negatiefs om te buigen. Daar ben ik heel dankbaar voor.
Jouw glas is altijd halfvol.
Ik denk dat je moet tellen wat je wel hebt. Als je dat doet, kom je als het goed is niet meer toe aan tellen wat je niet hebt, zolang je niet voorbijgaat aan alles wat je vanzelfsprekend lijkt. Ik denk dat we heel veel dingen vanzelfsprekend zijn gaan vinden. Maar een gezond lijf is een zegening. Familie, vrienden, een dak boven je hoofd, iets te eten hebben, dat zijn allemaal hele grote zegeningen.
Hoe blijf je zo positief in moeilijke tijden?
Ik denk dat het heel belangrijk is om te beseffen dat alles wat je overkomt, je iets komt leren. Het geeft je de kans om te laten zien wie jij in de kern bent. Voordat Feis overleed, predikte ik liefde. Toen hij overleed, moest ik aan mezelf bewijzen dat ik nog steeds liefde kon prediken. Dat was een heel grote opgave. Maar je weet pas wie je bent op het moment dat je de kans krijgt om dat te laten zien.
Als ik nu reflecteer op alles wat mij is overkomen, denk ik enerzijds: ‘Kut, want ik ben een mens’, anderzijds denk ik: ‘Fijn dat ik hierdoor heb mogen groeien’. Het is heel vervelend dat ik Feis moet missen, maar het is ook heel mooi dat ik nu besef hoe mooi die relatie was en dat ik mensen een leven lang kan vertellen hoe bijzonder hij was. Overal waar ik kom zal ik zeggen: ‘Feis forever’.