Op elfjarige leeftijd ontvluchtte producent Dženita Čamo de Bosnische oorlog en trok naar Rotterdam. Ze maakte de stad haar tweede thuis. Nu vangt ze het verhaal van drie Bosnische mannen in de documentaire ‘Inn a State of Siege’, die tijdens de oorlog het Holiday Inn hotel in Sarajevo draaiende hielden. “Hun verhalen mogen niet vergeten worden.”
Aanvankelijk was Inn a State of Siege bedoeld als korte documentaire van 25 minuten, maar de verhalen van de drie hoofdpersonen bleken te omvangrijk. “We volgen een ober, een chef-kok en een chauffeur. We hebben hun herinneringen op een bijzondere manier verfilmd, met reconstructies van zowel mooie als verschrikkelijke momenten. We kijken ook naar hun zonen: wat doet zo’n oorlog met de volgende generatie?” Het Holiday Inn hotel in Sarajevo werd tijdens de oorlog het centrale punt voor buitenlandse journalisten. Dženita en haar team focussen echter op de mensen die er werkten, van wie de ervaringen nauwelijks eerder verteld zijn.
Nieuw leven in Rotterdam
Dženita was elf jaar oud toen ze in 1992 met haar moeder en broer vanuit het door oorlog getroffen Sarajevo naar Rotterdam vluchtte. “De film gaat me heel erg aan het hart”, vertelt ze. “Ik heb het begin van de oorlog meegemaakt. Van de ene op de andere dag veranderde alles. We dachten dat we maar even weg zouden gaan, maar dat ‘even’ werd een nieuw leven in Rotterdam.”
Rotterdam is voor Dženita inmiddels een tweede thuis geworden. “Beide steden zijn verwoest door oorlog en zijn daarna opnieuw opgebouwd. Ik ben echt gaan houden van de Rotterdamse nuchterheid, die vergelijkbaar is met waar ik vandaan kom. Die mentaliteit past goed bij mijn karakter.”
Haar persoonlijke geschiedenis inspireerde haar om deze film te maken. “Het is een super belangrijk verhaal om te vertellen. Ik heb gemerkt dat dit conflict steeds meer in de vergetelheid raakt en was geschokt dat kinderen hier niet over leren op school.” Daarom wil ze de film ook kosteloos aan middelbare scholen aanbieden.
Een kijkje achter de schermen bij de opnames
Crowdfunding
Omdat de film veel langer wordt dan vooraf gedacht, vallen de kosten ook veel hoger uit. Om de film volledig te kunnen afmaken is een crowdfunding opgezet. Vooral het gebruik van archiefmateriaal is bijzonder duur, legt Dženita uit: “Sommige beelden kosten wel 900 euro per minuut, omdat de rechten in Bosnië niet goed geregeld zijn toentertijd.” Wanneer de film af is, hopen Dženita en haar team hem in te sturen naar filmfestivals, waaronder het International Film Festival Rotterdam. Uiteindelijk willen ze de film ook in de bioscoop vertonen.



