Ruim eenderde van de sociale huurwoningen van Woonbron in de Jan Meertensflat in Lombardijen wordt al vijf jaar via huisvestings- en uitzendbureaus (tijdelijk) verhuurd aan arbeidsmigranten. Dat kan omdat de woningen op de nominatie voor sloop staan en daarom onder de Leegstandwet vallen; dat maakt het mogelijk de woningen te gebruiken voor tijdelijke huisvesting. De huisvestings- en uitzendbureaus gebruiken hiervoor in sommige gevallen volgens het FNV dubieuze contracten of verhuurconstructies hoogstwaarschijnlijk ingericht om wet- en regelgeving voor de huisvesting van deze mensen te omzeilen.
In het kort
- Woonbron verhuurt ongeveer 60 van de 162 sociale huurwoningen in de Jan Meertensflat tijdelijk, via huisvestings- en uitzendbureaus, aan arbeidsmigranten.
- Het FNV zegt dat er bij het verhuren in de Jan Meertensflat contract- en bedrijfsconstructies worden gebruikt die specifiek ingericht zijn om regelgeving te omzeilen.
- Uit onderzoek van OPEN Rotterdam blijkt dat werk en woning bij ten minste tien van deze arbeidsmigranten aan elkaar verbonden zijn. In sommige gevallen wordt de huur ingehouden op hun loon.
- OPEN heeft arbeidsmigranten gesproken die bang zijn dat ze op straat komen te staan wanneer hun werk ophoudt. Volgens het FNV, dat een contract heeft ingezien, is deze angst gegrond.
- De tijdelijke verhuring vindt al plaats sinds 2021 en is in eerste instantie gestart omdat de flat gesloopt gaat worden. De sloop van de flat begint op z’n vroegst pas in 2028.
Met een noodgang komen de Letse Aleksandr* en zijn vriendin de hoek om gereden, de parkeerplaats van de Jan Meertensflat op. Achteruit inparkeren heeft Aleksandr vaker gedaan; in één beweging draait hij de auto in een vrij parkeervak. Het stel laadt hun boodschappen uit en loopt met een volle boodschappentas en twee grote bakken champignons naar de ingang van de flat. We spreken Aleksandr en zijn vriendin aan op de trap die leidt naar de glazen schuifdeuren. Terwijl we praten, stroomt de parkeerplaats snel vol. Veel auto’s hebben een buitenlands kenteken of, zoals de auto van Aleksandr, het logo van een uitzendbureau op de deur.
“Dit is een oké plek om te wonen”, vertelt Aleksandr. Maar hij maakt zich zorgen. Zijn huis is direct aan zijn werk verbonden. Hij zet de twee bakken met champignons die hij in zijn rechterarm houdt op de grond om zijn telefoon te pakken. Hierop laat hij zijn contract met uitzendbureau Solutions Packaging zien. In de bijlage staat dat hij het bedrijf de volmacht heeft gegeven om voor hem de huur te betalen. In de praktijk betekent dit dat er iets meer dan 600 euro op zijn netto maandsalaris wordt ingehouden. Hij vertelt dat in het contract van zijn vriendin precies hetzelfde staat. Volgens Aleksandr betalen ze samen dus meer dan 1.200 euro voor een woning in de flat. Een leegstaande sociale huurwoning die wettelijk niet meer dan 932 euro mag kosten. Solutions laat weten zich niet te herkennen in de situatie die Aleksandr schetst. Volgens hen rekenen ze voor de woning een huurprijs van 1.084 euro. Aleksandrs onzekerheid blijft. “We zoeken naar een huis dat we zelf kunnen huren”, vertelt hij. “Want als het werk ophoudt, staan we op straat.”

Sociale verantwoordelijkheid
De Jan Meertensflat in Lombardijen is volledig in bezit van woningcorporatie Woonbron. De 162 appartementen zijn deels studio’s en deels twee-kamerwoningen. In de jaren ‘60 is het neergezet als woonzorglocatie en ook nu woont er nog steeds een aantal bewoners onder begeleiding van zorgorganisatie Pameijer. Sinds 2021 staat het op de nominatie voor sloop. Dat betekent dat de woningen inmiddels vijf jaar onder de Leegstandwet vallen. Deze wet is bedoeld om het makkelijker te maken tijdelijk leegstaand vastgoed te verhuren door bijvoorbeeld opzegtermijnen en minimale contractduur te verkorten.
Over het algemeen werken corporaties voor dit soort verhuurconstructies samen met partijen als Gapph, VPS of Ad-Hoc. Maar Woonbron bevestigt dat ze in dit geval samenwerken met huisvestings- en uitzendbureaus. Van de 162 sociale huurwoningen worden er op dit moment 60 verhuurd aan bedrijven die hier veelal arbeidsmigranten uit Oost-Europa huisvesten. Woonbron wil niets zeggen over de bedrijven waar ze mee samenwerken, maar uit diverse gesprekken met bewoners, contracten die OPEN Rotterdam heeft ingezien en meerdere bezoeken aan de flat, blijkt dat er zeker vijf van dit soort bedrijven in de flat actief zijn (geweest): United Homes, Solutions, InAxtion en Transform Maintenance and Services (TMS).
Leegstandwet
De Leegstandwet is in 1981 ingevoerd om ongewenste leegstand van alle soorten gebouwen te bestrijden. De wet zorgt er onder andere voor dat eigenaren de mogelijkheid krijgen om leegstaande panden tijdelijk te verhuren zónder de reguliere huurbescherming. In zo’n situatie kunnen contracten makkelijker worden opgezegd en de termijn waarop ze kunnen worden opgezegd is korter. Wel moeten de tijdelijke huurcontracten over het algemeen minimaal zes maanden duren.
De wet wordt voornamelijk gebruikt om vastgoed dat staat te wachten tot het wordt gesloopt of gerenoveerd, tijdelijk te gebruiken. Bedrijven als Gapph, VPS en Ad Hoc kunnen allemaal tijdelijk woon- of werkruimte aanbieden vanwege deze wet - dat zijn de bekende antikraak-woningen. Wil je gebruik maken van de Leegstandwet, dan moet je bij de gemeente een vergunning aanvragen.
Hoewel de regels voor huurcontracten in deze woningen soepeler zijn, zijn er wel een aantal regels waar de verhuurders zich aan moeten houden. De huurovereenkomsten die de verhuurders met de huurders sluiten moeten minimaal zes maanden duren met een opzegtermijn van drie maanden. Toch is er in dit soort gevallen nog wel bescherming voor huurders: op het moment dat de gemeente de vergunning afgeeft voor tijdelijke verhuur, moet daarin staan wat de maximale huurprijs van de woning is. Als een verhuurder zich hier niet aan houdt of hierin “fouten” maakt, dan gebeurt er iets dat in de praktijk een ‘omklapconstructie’ heet. De huurovereenkomst wordt dan omgezet naar reguliere overeenkomst en de huurder krijgt alsnog volledige huurbescherming.
Loophole
Nu de zon achter het flatgebouw is verdwenen begint het aardig af te koelen op de parkeerplaats. De Poolse Tomász* parkeert zijn auto vlak naast de ingang en loopt snel naar boven. Hij draagt een dikke trui met daarop het logo van Oranjegroep, het uitzendbureau waar hij voor werkt. Hoeveel huur hij betaalt, weet Tomász niet precies. Wel vertelt hij ons dat Oranjegroep de huur inhoudt op zijn loon en het betaalt aan United Homes, de intermediaire verhuurder. Het zijn twee aparte bedrijven, maar ze hebben wel dezelfde baas, aldus Tomász. Het register van de Kamer van Koophandel bevestigt dit. United Homes maakt gebruik van meerdere B.V.’s waarbij werknemers bij één bedrijf een werkcontract hebben en bij een ander bedrijf het huurcontract afsluiten. In het geval van United Homes vallen de bedrijven onder de Den Breejen Groep B.V, een bedrijf dat in 2024 een omzet van meer dan 180 miljoen draait.
Net als bij Aleksandr en Tomász, geldt voor zeker nog tien andere bewoners die OPEN Rotterdam spreekt dat hun huurcontract direct is verbonden aan het werk dat ze doen en dat hun huisvesting wordt geregeld door hun werkgever. In sommige gevallen regelt de werkgever alles via één bedrijf, en soms in een constructie met meerdere bedrijven. In het verleden regelden sommige bedrijven zelfs alles via hetzelfde contract. Maar sinds 2023 is dat, met de invoering van de ‘Wet goed verhuurderschap’, verboden. De wet moest voorkomen dat mensen die hierheen komen voor werk op straat komen te staan als ze hun werk verliezen.
Toch laten meerdere bewoners van de Jan Meertensflat weten precies dáár nog steeds bang voor te zijn. Daarnaast heeft een groot deel zelfs helemaal geen zicht op wat ze überhaupt betalen voor hun woonlocatie. Soms komt dat doordat het contract nog in hun thuisland ligt, maar er zijn ook bewoners die hun huurcontract nooit hebben gekregen en genoegen nemen met het salaris dat maandelijks, na aftrek van allerlei kosten, wordt gestort.
Ook is het onduidelijk hoe lang veel bewoners in de flat (mogen) blijven. Sommige arbeidsmigranten vertellen ons dat ze er al jaren wonen, sommige vertrekken naar eigen zeggen na enkele weken. Hoeveel van de uitzendbureaus en intermediaire verhuurders gebruikmaken van een structuur met meerdere bedrijven om de nieuwe wet te slim af te zijn, kunnen we niet bevestigen. De meeste bewoners zijn doodsbenauwd om in gesprek te gaan; bang om hun werk, en daarmee hun huis te verliezen. Een Oekraïense huurder appt: ‘its only few apartments rented by my agency and it wouldnt need 200 iq to find out who gave details away… Just im comfortable with situation for now and dont wanna get in any trouble…’
Wet goed verhuurderschap
De Wet goed verhuurderschap is op 1 juli 2023 ingegaan. Hierin staat aan welke regels verhuurders zich moeten houden. De wet is bedoeld om huurders zo goed mogelijk te beschermen. Er zijn ook regels opgenomen die specifiek gaan over het verhuren van woonruimte aan arbeidsmigranten. De gemeente is verantwoordelijk voor het handhaven van deze regels.
Arbeidsmigranten uit EU-lidstaten hebben, als ze in Nederland wonen, dezelfde rechten als Nederlandse huurders. Daarnaast zijn er voor verhuurders nog twee extra regels wanneer ze een verblijfsruimte aan arbeidsmigranten verhuren: de huurovereenkomst en de arbeidsovereenkomst moeten in afzonderlijke documenten zijn vastgelegd en de verhuurder moet een arbeidsmigrant informeren over hun rechten en plichten in een taal die zij begrijpen.
In de praktijk betekent dit dat beëindiging van de arbeidsovereenkomst geen invloed mag hebben op de huurovereenkomst. Raakt iemand zijn werk kwijt, dan mag zijn huurcontract dus niet automatisch ook worden opgezegd, of andersom. Daarnaast mag de verhuurder er dus niet van uitgaan dat de arbeidsmigrant Nederlands of Engels spreekt. Een uitzondering hierop is de huurovereenkomst zelf: die mag wel in het Nederlands worden opgesteld.
Misbruik
“Echt schandalig dat sociale huurwoningen hiervoor misbruikt worden,” zegt FNV-consulent arbeidsmigratie Aik van den Boogaard wanneer we hem de situatie van de Jan Meertensflat voorleggen. Het FNV is er voor werkgerelateerde zaken, maar “bij arbeidsmigranten kom je dan toch ook al snel bij huisvesting,” zucht Van den Boogaard door de telefoon. “Intermediaire verhuurders zoals uitzendbureaus kiezen er vaak bewust voor om arbeidsmigranten zelf of via een dochterbedrijf te huisvesten. Dit biedt hen zekerheid over de beschikbaarheid van personeel en maakt het mogelijk om snel in te spelen op wisselende arbeidsvraag.”
Door gebruik te maken van twee verschillende bedrijven worden “arbeid en huisvesting formeel van elkaar gescheiden.” Maar, zegt Van den Boogaard: “Hoewel het op papier gaat om twee aparte bedrijven, is er in de praktijk sprake van een sterke verbondenheid. Werknemers worden via het uitzendbureau geworven en krijgen vervolgens huisvesting aangeboden via de gelieerde partij, vaak zonder reëel alternatief.” Het FNV ziet bovendien vaak dat accepteren van de huisvesting als voorwaarde wordt gesteld om de baan überhaupt te krijgen: “Dit type constructie wordt gebruikt om regelgeving die juist toeziet op gekoppelde huisvesting, te omzeilen.”
Volgens Van den Boogaard bevindt het contract van Aleksandr zich “in grijs gebied”. Zo is de angst voor het kwijtraken van zijn woonruimte volgens hem gegrond: “Huisvesting lijkt uit dit contract geen voorwaarde voor het krijgen van de baan, echter worden inhoudingen voor huisvesting geregeld via het arbeidscontract en zal bij verlies van baan waarschijnlijk ook verlies van huisvesting volgen.” Daarnaast gaan de nodige alarmbellen af over een volmacht gerelateerd aan het verhalen van mogelijke schade op de woning; iets dat ze in de praktijk vaker tegenkomen: “Soms zien we dat er wekelijkse controles zijn in de huisvesting, waarbij de privacy van de arbeidsmigrant wordt geschonden, en er dan voor allerlei kleine schades geld wordt ingehouden op het loon van de arbeidsmigrant.” Of deze situatie zich ook voordoet in de Jan Meertensflat, is onduidelijk.

Bierkratten en een Palestina-vlag
Op de vraag waarom Woonbron kiest voor een samenwerking met de huisvestingsbedrijven, laat de corporatie weten dat er wat hen betreft geen verschil is tussen deze partijen en andere soorten leegstandsbeheer: “Met tijdelijke verhuur wil Woonbron doelgroepen bedienen die moeilijk toegang hebben tot de woningmarkt. Arbeidsmigranten behoren tot die doelgroepen. Woonbron werkt daarbij uitsluitend samen met betrouwbare en professionele partijen, zowel uitzendbureaus als leegstandsbeheerders, die aantoonbaar zorg dragen voor hun bewoners en correct handelen binnen de geldende wet- en regelgeving.”
Ruud van Dijk, de in het verleden in opspraak geraakte oud-wethouder uit Valkenswaard en inmiddels verantwoordelijke voor de nieuwbouwlocaties van United Homes, heeft wel een theorie waarom de corporatie liever met zijn bedrijf werkt dan met een reguliere leegstandsbeheerder: “Wij doen ook het beheer van de woning. Een partij die studenten huisvest doet dat niet. Dan heb je binnen de kortste keren bierkratten op het balkon en een Palestinavlag voor het raam.” Op de vraag wat United Homes aan huur vraagt voor de woningen antwoordt hij resoluut: “Dat is bedrijfsgeheim. Wij zijn ook gewoon een commercieel bedrijf.”
Dezelfde vraag stellen we aan Menno Mollema, co-eigenaar van Transform Maintenance and Services (TMS). Dit uitzendbureau huurt volgens Mollema ongeveer twintig appartementen in de Jan Meertensflat en wordt elk jaar gecontroleerd door Woonbron. “Dan moeten we een bestuurdersverklaring tekenen,” zegt hij daarover. Mollema laat weten dat de TMS alle kosten voor het huisvesten van hun werknemers doorberekent aan hun klanten. De werknemers betalen zelf dus geen huur. Toch worden volgens Mollema soms wel servicekosten doorberekend aan hun huurders: “We hebben wat Portugezen in dienst en die stoken als een malle in de winter.” Wanneer we Menno vragen hoeveel zij dan precies aan stook- en servicekosten betalen, wordt zijn toon defensief: “Probeer je Woonbron pootje te lichten ofzo?”
Einde van zijn levensduur
Terwijl een op de drie de sociale huurwoningen in de Jan Meertensflat inmiddels al vijf jaar aan de sociale voorraad wordt onttrokken, is het einde nog niet in zicht. De sloop van de flat, die volgens Woonbron ‘technisch en bouwkundig’ op is, begint op z’n vroegst pas in 2028. Ervoor in de plaats komen, naast 160 sociale woningen, ook middensegment koopwoningen (woningen met een prijs tussen de 329.000 en 350.000 euro) bij om ‘de doorstroom binnen de wijk op gang te brengen’. Wanneer de sloop en nieuwbouw van de Jan Meertensflat start, is nog niet duidelijk. Maar zodra dat gebeurt, is er voor Aleksandr en Tomász in de flat in ieder geval geen plek meer.
*Dit zijn niet de echte namen van deze personen. De echte namen zijn bij de redactie bekend.
Wederhoor
United Homes
‘United Homes handelt te allen tijde in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving, waaronder de relevante bepalingen met betrekking tot huisvesting van Internationale werknemers.
Ten aanzien van de door u gestelde vragen merken wij op dat met betrokken partijen is afgesproken dat communicatie over de huisvesting in de Jan Meertensflat via Woonbron verloopt. Wij verzoeken u dan ook vriendelijk om uw vragen en verdere correspondentie via Woonbron te laten lopen, zodat deze op de juiste wijze en in samenhang kunnen worden beantwoord.’
 
Solutions Packaging
Het wederhoor van Solutions wordt gegeven door Home of People, de holdingmaatschappij waar Solutions onder valt. Zij bevestigen dat ze een deel van hun arbeidsmigranten huisvesten in de Jan Meertensflat en laten daarbij weten dat de woningen worden bewoond door twee personen per woning.
Over de huisvesting schrijven ze: ‘Wij sturen onze medewerkers een betaallink waarmee zij de huur zelf kunnen voldoen. Indien noodzakelijk kunnen wij de huur inhouden op het loon, maar uitsluitend op basis van een door de medewerker verstrekte schriftelijke machtiging. Hierbij houden wij rekening met de geldende regels van de Wet aanpak schijnconstructies (WAS). De huur wordt vervolgens aan de verhuurder betaald. Wij werken met twee afzonderlijke overeenkomsten. De arbeidsovereenkomst heeft uitsluitend betrekking op de arbeidsrelatie en de werkzaamheden van de medewerker. Daarnaast ontvangt de medewerker een aparte huurovereenkomst waarin de rechten en plichten met betrekking tot de huisvesting zijn opgenomen. De arbeidsovereenkomst en de huurovereenkomst zijn volledig van elkaar gescheiden.
Het einde van de arbeidsovereenkomst betekent niet automatisch dat de huurovereenkomst eindigt. Zolang de huurder zich aan de afspraken uit de huurovereenkomst houdt, kan hij of zij in de woning blijven wonen. Zowel de huurder als verhuurder kan de huurovereenkomst opzeggen, met inachtneming van de opzegtermijn en overige voorwaarden zoals opgenomen in de huurovereenkomst.’
Over de situatie van Aleksandr en zijn vriendin laat Home of People het volgende weten: ‘Wij hanteren voor onze woningen de huurprijs op basis van het WWS-/puntenstelsel. Voor de betreffende woning bedraagt de totale huurprijs € 1.084 per maand, inclusief gas, water, elektriciteit, meubilair en internet. Dit is het totale bedrag voor de woning en niet een bedrag dat door iedere bewoner afzonderlijk wordt betaald. De kosten worden verdeeld overeenkomstig de afspraken die in de huurovereenkomst zijn vastgelegd.’
 
Oranjegroep
OPEN heeft Oranjegroep op drie verschillende e-mailadressen vragen gestuurd. Hier is geen antwoord op gekomen. Ook heeft OPEN tot drie keer toe gebeld en een terugbelverzoek achtergelaten. Ook hier kwam geen reactie op.
 
InAxtion
InAxtion bevestigt dat zij arbeidsmigranten die bij hen in dienst zijn, huisvest in de Jan Meertensflat. ‘Voor een deel van onze medewerkers organiseren wij huisvesting, waaronder op deze locatie. Dat doen wij omdat veel van onze medewerkers tijdelijk vanuit andere Europese landen in Nederland werken en passende huisvesting nodig hebben om hun werkzaamheden hier uit te kunnen voeren.
De medewerkers waar het om gaat zijn hoofdzakelijk gespecialiseerde technici die in Nederland werken aan projecten in de industrie, energietransitie en infrastructuur. Zij komen naar Nederland omdat daarvoor onvoldoende technisch personeel beschikbaar is.
InAxtion is contractpartij richting de verhuurder en betaalt de huur aan de verhuurder. Veel van onze medewerkers behouden hun woning in het land van herkomst. Zij ontvangen daarom, indien van toepassing, een huisvestingsvergoeding. Wanneer zij gebruikmaken van door InAxtion georganiseerde huisvesting, wordt de daarvoor verschuldigde huur met deze vergoeding verrekend en transparant op de loonstrook gespecificeerd. Het aanbieden van huisvesting is voor InAxtion geen verdienmodel, maar onderdeel van goed werkgeverschap.
Arbeid en huisvesting zijn vastgelegd in twee afzonderlijke overeenkomsten. De arbeidsovereenkomst en de huurovereenkomst zijn juridisch van elkaar gescheiden. De door InAxtion georganiseerde huisvesting is bedoeld voor medewerkers die via InAxtion werkzaam zijn. Wanneer de arbeidsrelatie eindigt, eindigt uiteindelijk ook de beschikbaarstelling van de woning. De wijze waarop dit in de praktijk verloopt is afhankelijk van de individuele situatie en vindt altijd zorgvuldig en conform geldende regelgeving plaats.’
 
TMS
TMS geeft geen geschreven antwoord op de vragen die OPEN hen e-mailt. Naar aanleiding van de mail heeft OPEN wel een telefoongesprek met Menno Mollema. Hierin bevestigt hij dat TMS arbeidsmigranten die bij haar in dienst zijn van huisvesting voorziet in de Jan Meertensflat. Verder laat hij weten dat TMS kosten voor de huur van een woning doorberekent aan hun klanten. TMS betaalt vervolgens de huur aan Woonbron. Volgens Mollema betalen de “jongens” die ze in dienst hebben dus helemaal niets, ook geen servicekosten.
Een uitzondering daarop wordt gemaakt wanneer een rekening veel hoger is dan verwacht. Mollema: “We hebben Portugezen in dienst, die in de winter soms de verwarming de hele dag aan laten staan op dertig graden. Dan krijg ik opeens een rekening over die maand van duizend euro. En dan zeg ik: 'Hey Antonio, dit is niet de bedoeling. Als dat volgende maand weer zo is, mag je mooi het verschil bijbetalen.’ Maar zoiets gebeurt misschien een keer in het jaar.”
In het telefoongesprek benadrukt Mollema meerdere keren dat TMS volledig binnen de bestaande regelgeving handelt. Op de vraag of huisvesting onderdeel is van het werkcontract antwoordt hij: “Natuurlijk, want anders komen die jongens niet. Dan moeten ze zelf een woning gaan zoeken op de particuliere markt, want zonder vast adres kunnen ze zich niet inschrijven. Dat werkt dus niet.” Hoe TMS de huisvesting contractueel precies regelt, blijft onduidelijk.
Wanneer het werkcontract afloopt, moeten werknemers van TMS op termijn hun woning verlaten, vertelt Mollema. Hij voegt eraan toe dat een werknemer hier wel de tijd voor krijgt en “niet morgen gelijk zijn huis uit moet.”
 
Woonbron
Woonbron bevestigt dat de Jan Meertensflat volledig in hun bezit is en dat alle appartementen sociale huurwoningen zijn. De flat wordt sinds 2021 onder de Leegstandwet verhuurd aan uitzendbureaus die als intermediaire verhuurder optreden. Ongeveer zestig appartementen worden op deze manier verhuurd. Hierover schrijft Woonbron: ‘We proberen omwille van de leefbaarheid de woningen in het gebouw niet leeg te laten staan en te verhuren. Dat gaat dus via verschillende organisaties. De aantallen zijn afhankelijk van de mutaties.’
Op het moment dat OPEN dit artikel publiceert, staat de sloop van de flat gepland voor 2028. Gevraagd naar wat dit betekent voor de arbeidsmigranten die hier wonen, laat Woonbron het volgende weten: ‘We verhuren tijdelijk vanwege de beoogde herontwikkeling. Ik mailde je eerder al dat dit logischer is dan verhuur met reguliere huurovereenkomsten. Omdat het tijdelijk is, moeten de bewuste bewoners rond het moment dat de herontwikkeling begint een andere woning vinden. Daarbij helpt de uitzendorganisatie. Wij communiceren tijdig over de werkzaamheden. Na de herontwikkeling zullen de woningen via Woonnet, oftewel het reguliere woonruimteverdeelsysteem, worden aangeboden.’
Over waarom Woonbron ervoor heeft gekozen om met uitzendbureaus als intermediair te werken, schrijft Woonbron dat ze werken ‘met meerdere organisaties, waaronder uitzendbureaus. Wij sluiten overeenkomsten voor individuele woningen met de genoemde organisaties. Deze verhuren we vervolgens aan een huurder uit hun bestand. Onderling hebben we goede beheerafspraken. Woningen vooruitlopend aan een herontwikkeling verhuren doen we om leefbaarheid (kraak, vandalisme, diefstal) niet achteruit te laten lopen, daarnaast is er veel vraag naar goede huisvesting van arbeidsmigranten.
We werken alleen met organisaties waarmee goede afspraken kunnen worden gemaakt en uiteraard geldt in alle gevallen de wet- en regelgeving. Laatstgenoemde gaat onder meer over doelgroep en passendheid, tijdelijkheid juridisch moet kloppen en de huurprijs aansluit bij het puntensysteem. Ik stuurde je eerder al dat de woningen in de Jan Meertensflat gewoon sociale huurwoningen zijn, ongeacht door wie ze bewoond worden. De huurprijs wordt bepaald door de woningwaardering (punten), niet door de huurder. Deze huurprijs is gereguleerd.
Hoewel tijdelijke verhuur anders werkt dan het reguliere woonruimteverdeelsysteem, zijn er in beide gevallen wettelijke kaders en die worden nageleefd. Daar controleren we op. Bovendien werken we alleen met bedrijven waar we goede afspraken mee hebben en die zich opstellen als goed verhuurder of werkgever.’
Over dit onderzoek
Dit is een onderzoek van OPEN Rotterdam door Charlie Maria en Sascha Meijer, mede mogelijk gemaakt met hulp van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek en Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Fotografie door Jorick Buurstra. Vragen of opmerkingen naar aanleiding van dit artikel? Of een verhaal dat volgens jou echt eens moet worden onderzocht door OPEN? Mail naar: [email protected]