Het plan voor een leegstandsverordening van de Partij van de Arbeid, gesteund door een groot deel van de oppositie, is op donderdag 13 november weggestemd tijdens de gemeenteraadsvergadering. De coalitie (Leefbaar Rotterdam, D66, VVD en DENK) en Forum voor Democratie stemden tegen. Dat betekent dat er in ieder geval deze collegeperiode geen gemeentelijke handhaving op langdurige leegstand van vastgoed komt.
Dat het voorstel geen meerderheid krijgt, is niet geheel verrassend. Eerder op donderdag werd – tijdens het debat over de nieuwe conceptbegroting – een motie van PvdA en GroenLinks om structureel 800.000 euro vrij te maken voor het uitvoeren van de leegstandsverordening, al ontraden. De kans dat er in de begroting geld werd vrijgemaakt om het plan uit te voeren, was daarmee al een stuk kleiner. Dit terwijl in de laatste commissievergadering waar het voorstel besproken is, een meerderheid niet ver weg leek na voorzichtig positieve reacties van Tim de Haan (D66) en Rashied Dahoe (DENK) op het plan.
Leegstandsverordening versus opkoopbescherming
Toch wordt deze raadsvergadering al snel duidelijk dat een meerderheid er niet inzit. Erik Verweij (VVD) vindt het onverteerbaar dat er leegstand is in de stad: “Dat moeten we oplossen, maar we vragen ons ernstig af of dit [een leegstandsverordening, red.] het middel is om het aan te pakken.” Verweij vraagt zich af of de oorzaak niet ook bij de gemeente ligt, bijvoorbeeld vanwege trage vergunningsprocessen. Hij stelt voor om de opkoopbescherming af te schaffen. Want, zo is zijn redenatie, dat zorgt ervoor dat particuliere woningen worden opgekocht, opgeknapt en kunnen worden verhuurd. Daarmee wordt langdurige leegstand van particulier vastgoed voorkomen. Het geld dat daarmee vrijkomt, kan volgens hem worden ingezet voor het uitvoeren van de leegstandsverordening.
Het voorstel van Verweij kan op de nodige gefronste wenkbrauwen rekenen en is daarnaast, volgens wethouder Chantal Zeegers, ook geen oplossing: “Voor [het uitvoeren van] de opkoopbescherming hebben we minder budget beschikbaar dan er nodig is voor het uitvoeren van de leegstandsverordening.” Het geld dat vrijkomt met het afschaffen van de opkoopbescherming is dus volgens Zeegers in ieder geval niet genoeg om het uitvoeren van de leegstandsverordening mee te betalen
Wethouder Zeegers is in principe wel positief over het voorstel van de PvdA: “Gesprekken en de menselijke maat in het voorstel zijn goed, maar dat we wel ergens een stok achter de deur hebben in de vorm van de boetes.” Zeegers wil eerst in kaart brengen welke kosten de gemeente op dit moment heeft bij het handhaven op de woningmarkt van Rotterdam. Die cijfers komen, als het goed is, in het eerste kwartaal van 2026 naar buiten. Pas als daar een beeld over is, denkt Zeegers iets te kunnen zeggen over het structureel vrijmaken van de 800.000 euro. Maar of de leegstandsverordening er komt, lijkt nu aan het volgende college.
Leegstand in Rotterdam
Op dit moment staan er volgens onderzoek van de gemeente 17.278 panden administratief leeg in onze stad. Administratieve leegstand betekent dat er volgens de Basisregistratie Personen, een systeem waarin de gemeente onder andere bijhoudt wie waar woont, geen personen ingeschreven staan op een adres. Het zou dus kunnen dat sommige van deze adressen niet daadwerkelijk leeg zijn, maar dat de administratie van de gemeente niet op orde is. Maar dat het desalniettemin om veel leegstaande huizen gaat, is duidelijk.
Een leegstandsverordening zou het voor de gemeente mogelijk maken om op te treden tegen langdurige leegstand. Zo zou er dan een meldingsplicht komen voor eigenaren. Zij moeten laten weten wanneer hun pand langer dan zes maanden leeg blijft. Ook kan de gemeente boetes opleggen aan eigenaren die hun vastgoed lang leeg laten staan. Zo’n verordening zou kunnen voorkomen dat we nog meer spookhuizen zoals in Sportdorp in de stad krijgen.